Zoeken

Safety first: de verplichte basisveiligheidsopleiding

Home  /  Knowledge sharing  /  Blog  /  Safety first: de verplichte basisveiligheidsopleiding

Safety first: de verplichte basisveiligheidsopleiding

21 dec 2023

Bent u een aannemer(-werkgever) die werken uitvoert op een tijdelijke of mobiele bouwplaats? Lees dan vooral verder. 

Middels een koninklijk besluit van 7 april 2023 werd de verplichte basisveiligheidsopleiding – zoals die reeds eerder bestond in de bouwsector op grond van de CAO van 12 mei 2022 – verankerd in het koninklijk besluit van 25 januari 2001 betreffende de tijdelijke of mobiele bouwplaatsen (hierna: “KB TMB”), zijnde een uitvoeringsbesluit van de Welzijnswet van 4 augustus 1996 (hierna: “Welzijnswet”). 

U stelt zich wellicht de vraag wat deze basisveiligheidsopleiding oftewel “BVO” precies inhoudt en waar u precies op moet letten. Wij zetten de voornaamste aandachtspunten even voor u op een rijtje. 

De basisveiligheidsopleiding: wat is het?

Om op een tijdelijke of mobiele bouwplaats werkzaamheden uit te voeren met betrekking tot het realiseren van het bouwwerk, is elke aannemer ertoe gehouden aan zijn werknemers een BVO te verstrekken. 

De BVO heeft tot doel de werknemers bewust te maken van de risico's die aanwezig kunnen zijn op een tijdelijke of mobiele bouwplaats, ongeacht of deze risico's voortvloeien uit hun eigen activiteiten of uit de activiteiten van andere aannemers die aanwezig zijn of zullen zijn op de bouwplaats (art. 50bis, § 1 KB TMB).

Voor de goede orde: het begrip “tijdelijke of mobiele bouwplaats” wordt omschreven als elke bouwplaats waar civieltechnische werken of bouwwerken worden uitgevoerd, waarvan de lijst werd vastgesteld door het KB TMB (art. 3, § 1, 14° Welzijnswet). Tot deze lijst behoren onder meer de klassieke bouw- en verbouwingswerken, herstellingswerken, onderhouds-, schilder- en reinigingswerken, de plaatsing van nutsleidingen, enz. (art. 2, § 1 KB TMB). 

De basisveiligheidsopleiding: voor wie is het?

(1) Voor alle werknemers die op de tijdelijke of mobiele bouwplaats werkzaamheden uitvoeren met betrekking tot het te realiseren bouwwerk, ongeacht tot welk paritair comité zij behoren (art. 50bis KB TMB). 

Deze verplichting is tevens van toepassing op:

  • gedetacheerde buitenlandse arbeidskrachten;
  • stagiairs;
  • jobstudenten;
  • uitzendkrachten.

Deze verplichting is evenwel niet van toepassing op:

  • architecten;
  • bedienden;
  • personeelsleden Externe Dienst Technische Controle.

(2) Voor zelfstandigen en werkgevers die zelf een beroepsactiviteit op de bouwplaats uitoefenen.

De basisveiligheidsopleiding: tegen wanneer?

De regelgeving van toepassing op de BVO trad in werking op 15 april 2023. Er is voorzien in twee verschillende regimes:

(1) Voor werknemers en zelfstandigen die pas voor het eerst werkzaamheden op tijdelijke of mobiele bouwplaatsen aanvatten ná deze datum, geldt dat zij de BVO volgen:

  • indien mogelijk, vooraleer hun werkzaamheden aan te vatten; en
  • in elk geval, binnen een termijn van één maand nadat zij hun werkzaamheden hebben aangevat.

(2) Voor wie reeds aan het werk was op een tijdelijke of mobiele bouwplaats op 15 april 2023, is dan weer voorzien in een overgangsperiode van één jaar. Dit wil zeggen dat deze personen zich uiterlijk tegen 15 april 2024 in regel zullen moeten stellen.

Opgelet: voormelde overgangsperiode geldt niet voor de bouwsector (paritair comité 124).

Bepaalde personen kunnen genieten van een vrijstelling, wanneer ze bijvoorbeeld over een geldig VCA-attest beschikken, minstens vijf jaar ervaring hebben opgedaan op een bouwplaats tijdens de afgelopen tien jaar, enz.

De basisveiligheidsopleiding: wie draagt de verantwoordelijkheid?

Er is sprake van een gedeelde verantwoordelijkheid

(1) Logischerwijze zijn in eerste orde de werkgevers verantwoordelijk ten aanzien van hun werknemers (art. 50 bis KB TMB).

(2) Maar daarnaast heeft ook elke aannemer de verplichting om na te gaan of de onderaannemer op wie hij beroep doet, de regels met betrekking tot de BVO naleeft. Is dat niet het geval? Dan geldt de “weringsplicht” (art. 29 Welzijnswet) 

Tip: zorg ervoor dat de attesten aanwezig zijn op de bouwplaats en/of voorzie in een voor de inspectiediensten toegankelijke databank waarin deze attesten zijn opgenomen staan. 

Leeft u de regels niet na? Dan loop u het risico op een strafrechtelijke geldboete van 800,- tot 8.000,- EUR of een administratieve geldboete 400,- tot 4.000,- EUR, of hoger indien de inbreuken gezondheidsschade of een arbeidsongeval tot gevolg hebben gehad voor een werknemer.

Een gewaarschuwd aannemer is er twee waard. 

Contacteer ons

Heeft u hierover nog vragen, aarzel dan niet om ons te contacteren.

Auteurs: Prof. Dr. Kristof Uytterhoeven en Mr. Els Zegers

Klik hieronder op de foto's van de auteurs om hun andere artikels te lezen:

Kristof Uytterhoeven   Els Zegers