Het einde van het Wetboek van Koophandel in zicht

De Kamer heeft op 28 maart ll. het wetsontwerp houdende de hervorming van het ondernemingsrecht goedgekeurd. Deze wet heft de titels I, II, IV, VIIbis en VIII Wetboek van Koophandel op. Bijgevolg blijft van dit wetboek alleen nog Boek II betreffende de zee- en binnenvaart over, zodat het opschrift van het wetboek vervangen wordt door "Wetboek van bepaalde voorrechten op zeeschepen en diverse bepalingen”.

De wet houdende hervorming van het ondernemingsrecht houdt een fundamentele wijziging in van het Belgische ondernemingsrecht. Enkele belangrijke wijzigingen zijn onder meer:

  • In het Burgerlijk Wetboek wordt een nieuw artikel ingevoegd dat het bewijs door en tegen ondernemingen regelt (art. 1348bis BW)
  • De Rechtbank van Koophandel wordt de Ondernemingsrechtbank en heeft een algemene bevoegdheid om kennis te nemen van de geschillen tussen ondernemingen bedoeld in art. I.1, 1° WER. De ondernemingsrechtbank zal ook kennis nemen van geschillen ter zake van een vereniging met rechtspersoonlijkheid, stichting of vennootschap, met uitzondering van een vereniging van mede-eigenaars, evenals van geschillen die ontstaan tussen hun voormalige, actuele of toekomstige vennoten of leden met betrekking tot de betrokken vennootschap, stichting of vereniging.
  • Het onderscheid tussen burgerlijke vennootschappen en handelsvennootschappen verdwijnt. Artikel 3 W.Venn. wordt opgeheven. Het wegvallen van dit onderscheid wordt verder doorgetrokken in het ganse Wetboek van Vennootschappen.
  • De vennoten van een maatschap zijn ten aanzien van derden in beginsel steeds hoofdelijk verbonden, behoudens een andersluidend uitdrukkelijk beding in de met derden gesloten akte (nieuw artikel 52 W.Venn.).
  • Het begrip onderneming in art. I.1, 1° WER wordt gewijzigd en zal elk van de volgende organisaties omvatten: iedere natuurlijke persoon die zelfstandig een beroepsactiviteit uitoefent, iedere rechtspersoon en iedere andere organisatie zonder rechtspersoonlijkheid. Uit dit begrip worden wel een aantal organisaties uitgesloten. Niettemin wordt het huidige begrip onderneming behouden voor de toepassing van een aantal bepalingen van het WER, waaronder voor de toepassing van boek VI WER.
  • Er worden wijzigingen doorgevoerd aan de KBO. Er wordt onder meer nieuwe begrippen ingevoerd, zoals "geregistreerde entiteit” ingevoerd. Hieronder wordt verstaan elke entiteit die zich dient in te schrijven in de Kruispuntbank van Ondernemingen krachtens artikel III.16 WER. Het brengt tot uiting dat de organisaties opgenomen in de KBO veel meer omvatten dan ondernemingen.
  • De bepalingen uit het Wetboek van Koophandel omtrent de wisselbrieven, orderbriefjes en de cheque worden ondergebracht in boek VII WER. De strafbepalingen die hieraan verbonden zijn, worden overgeheveld naar boek XV WER.
  • De bepalingen uit titel VIIbis van boek I uit het Wetboek van Koophandel worden overgeheveld naar boek X WER.
  • Boek XIV WER wordt opgeheven. Inzake consumentenbescherming zijn vrije beroepers voortaan onderworpen aan boek VI WER.
De wet treedt in werking op 1 november 2018, behoudens een aantal uitzonderingen zoals de wijzingen aan boek XX WER die in werking treden samen met boek XX WER op 1 mei 2018. Zij zal nog worden gevolgd door een hervorming van het Wetboek van Vennootschappen en het Burgerlijk Wetboek.

Meer informatie omtrent de hervorming van het ondernemingsrecht? Contacteer Mtr. Kristiaan Caluwaerts (k.caluwaerts@legaloffice.be), Prof. Dr. Kristof Uytterhoeven (k.uytterhoeven@legaloffice.be) of Mtr. Thaïs Habotte (t.habotte@legaloffice.be).